Wie de ontstaansgeschiedenis van Hoorn wil blootleggen, is eigenlijk op zoek naar de ontbrekende stukjes van een ingewikkelde legpuzzel. Want niemand kan bevestigen dat de geschiedschrijver Velius gelijk had, toen hij schreef dat de eerste huizen van de stad in de buurt van de Roode Steen werden gebouwd.
Het bewijsmateriaal zit verstopt in de grond. Archeologisch onderzoek kan duidelijkheid verschaffen, maar vindt slechts mondjesmaat plaats. Zoals na de brand in de Winston bioscoop en na de sloop van de brandweerkazerne aan het Kleine Oost, beide in 2000.
Wel is duidelijk dat Hoorn ruim 700 jaar geleden is ontstaan als een piepkleine nederzetting aan de monding van een riviertje, dat naar zee stroomde en later de Gouw werd genoemd. Ter bescherming tegen overstromingen legden de mensen een dijk aan.
Dankzij de gunstige ligging aan het water ontstond er al snel een levendige handel. Het dorpje groeide uit tot een stad, die een naam kreeg naar de ligging in een bocht van de dijk. "Horne’ is het middeleeuwse woord voor bocht of hoek.
In 1357 kreeg Hoorn stadsrechten van graaf Willem de Vijfde. De stad moest er flink voor betalen, maar kreeg er veel vrijheden voor terug. Het document waarop de stadsrechten staan vermeld, is nog altijd aanwezig in het Streekarchief. Dit vel perkament is het oudste document dat het archief bezit.
Het veertiende-eeuwse Hoorn was kleiner dan de binnenstad van nu. De mensen woonden in houten huizen langs de dijk en enkele wegen landinwaarts. Het land binnen de dijk was moerasachtig, vandaar dat de eerste huizen en de eerste (houten) kerk een plek kregen aan de zeezijde van de dijk. Pas na verloop van tijd ging men stukjes moeras dempen en binnendijks bouwen.
Lees meer